De campus van de Erasmus Universiteit Rotterdam herbergt een schat aan architectuur, kunst en andere objecten met een mooi verhaal. Kom eens bij ons kijken! Deze week: de AULA, de plek waar Fortuyn theater maakte.
De aula van de Erasmus Universiteit Rotterdam is niet alleen een prachtig, brutalistisch gebouw, waarin we elk jaar de opening van het academisch jaar en de Dies Natalis vieren. Maar het is óók de plek van iconische verkiezingsdebatten, met als bekendste die met Pim Fortuyn, in maart 2002.
In dat debat wordt Fortuyn door GroenLinks leider Paul Rosemoller aangesproken op het maken van theater, waarna een lange ovatie volgt uit het publiek en Fortuyn prompt -juist met veel theater- zijn microfoontje afdoet en zich zodoende onttrekt aan het debat.
Dat debat is overigens snel daarna afgelopen. In de voorgaande uren hebben Fortuyn, Rosenmoller en ook Ad Melkert, Hans Dijkstal, Jan-Peter Balkenende en Thom de Graaf, elkaar flink doorgezaagd over onderwerpen als lastenverlichting, WAO en immigratie. Als je de clips op youtube terugkijkt, zie je de frustratie bij de mannen -en dan vooral bij Fortuyn- toenemen. Het moest tot iets theatraals leiden.
Grappig genoeg is het niet de eerste keer dat Fortuyn theater maakte in de aula van de Erasmus Universiteit. Want Fortuyn was in de jaren ’90 vaker op de campus te vinden, als bijzonder hoogleraar arbeidsvoorwaardenvorming. Dat was een leerstoel voor 1 dag in de week, ingesteld door het Centrum Arbeidsverhouding Overheidspersoneel (CAOP), een stichting gelieerd aan het Ministerie van Binnenlandse Zaken.
Alleen, het boterde niet echt tussen Fortuyn en de universiteit.
Al bij zijn aanstelling waren twijfels over de aan de Rijksuniversiteit Groningen gepromoveerde socioloog. Fortuyn had immers -naast zijn nog ongepubliceerde proefschrift- geen wetenschappelijke artikelen op zijn naam staan. En al in Groningen sprak men van ‘de Wet van Pim’, wat inhield: ‘waar Pim Fortuyn is, is ruzie’.
Tijdens zijn hoogleraarschap begeleidde Fortuyn geen provenda van de eigen universiteit (wel een handvol externe, waarvan er slechts één daadwerkelijk promoveerde), hij verzorgde geen lesprogramma en er verschenen nog steeds geen wetenschappelijke artikelen.
Wel haalde Fortuyn hoge oplages met populair wetenschappelijk, op de praktijk gerichte boeken. Hij werd er steeds bekender mee. Wat leidde tot jaloerse reacties van collega wetenschappers. Deze professor voegde niet wezenlijk iets toe aan de academische wereld, maar gebruikte de professorstitel wel om zijn eigen boeken te verkopen, zo ging het rond.
Ze gingen er aan voorbij dat Fortuyn juist heel goed aanvoelde wat speelde in de maatschappij en met zijn analyses de juiste snaar wist te raken.
En toen was er Pim Fortuyn’s laatste werkdag op de EUR. Op 1 september 1995 verzamelde zich een groep mensen in een wat lege Aula voor zijn afscheidsrede. Daarin hekelde hij de Nederlandse overlegcultuur, vond dat veel mensen van de overheid -en de universiteit- ontslagen konden worden. En hij voegde daad bij het woord, door niet af te wachten tot het cortège hem -volgens het protocol- zou begeleiden naar de uitgang. Maar door al op het podium zijn toga uit te doen en vervolgens dwars door de zaal naar de uitgang te rennen. Iedereen in verbazing achterlatend.